<< back

6 & 18 April 2008, ‘in de lucht’

Niets is zoals het lijkt. Of misschien moet je je eigen indruk opdoen van het leven. Boeken vol met verhalen over levens in landen waar wij (nog) niet zijn geweest die dezelfde kant op wijzen. Ineens lees je een boek over hetzelfde land, over dezelfde soort ervaringen maar met een andere kijk of insteek. Wat is werkelijk(heid) ? Hetgene wat bewijst dat jij al als waarheid had bedacht ? Of hetgene dat onderstreept wat jij vindt of hebt ervaren ?

Je zult moeten blijven openstaan, vrij van vooringenomen mening, om zelf te ervaren, voelen en meemaken (denk ook aan Fitna/denk ook dat niet alle dingen die we lezen zelf mee te maken zijn bijvoorbeeld de holocaust). We vormen onze mening naar wat wij goed of slecht achten.
Na 11 maanden van afwezigheid op weg naar Sri Lanka. Mijn hart springt, huppelt en mijn lijf vindt het spannend. Hoe zal mijn schild, mijn lijf, het oppakken. Het voelt als naar huis gaan. Heerlijk.

In het ontwikkelingswerk heb ik mijn plek gevonden. Je moet wel zorgen met twee benen op de grond te blijven. Zo af en toe wordt je echt omver geblazen. Alle indrukken, geuren, de cultuur, mensen die aan je trekken en ineens sta je als blanke in een zwart, arm land. Wie ben je dan ? Wat is er van jou over ? Het komt maar binnen. In hoeverre pas je je aan ? Of ga je mee met de stroom.

Momenteel hang ik boven de structuur, die Ordnung, in een vliegtuig boven de aarde. Terug van Sri Lanka naar Nederland. Mijn gedachten draaien. Dit is wat ik denk ; ‘zullen we dan eindelijk een punt van ‘understanding’ hebben bereikt’ ? Jij en ik. Jij is miss Karuna, matron in Sarana Childrens Home. Een klein, pezig vrouwtje vol vuur. Onvoorstelbaar als het weer, vooral vol van donder en bliksem. Ze probeert het goed te camoufleren maar niets is beter zichtbaar dan het spel dat ze speelt. Maar dan.. donderdag op vrijdagnacht op Bandaranaike Airport in Negombo, Sri Lanka staat dit vrouwtje in haar ‘casual dress’ voor mijn neus. Zo kwetsbaar, want niet op haar terein, lacht ze haar tanden bloot (je zou haar gebit moeten kennen om te weten dat je met haar vooruitstaande tanden beter een stap achteruit kan doen of je wordt gespiest). Ze verontschuldigt zich, en zegt ; ‘miss Nathalie just casual dress, no saree, night-time’. Ik begrijp het miss Karuna, ik zou ook niet in topvorm zijn als ik al twee uur in bed heb gelegen (normaal gesproken elke avond om 21.00 naar bed) en dan hup even op en neer naar het vliegveld zou moeten. En ineens vertedert zij mij. Dat monster dat zo haar gal kan spuwen als het haar niet zint. Ondanks haar boosheid ‘s middags in de bus. En ik in staat was haar buiten de bus te laten staan in de stromende moesson. In haar dorp van herkomst. Deze vrouw die al een jaar ruzie heeft met haar nichtje van amper 19 jaar die onverwachts in onze bus stapte, samen met haar moeder om vervolgens uitgefoeterd te worden door miss Karuna. ‘Zij eruit of ik eruit’. Ze kunnen het niet bijleggen. Volwassen vrouwen, net kleine kinderen. Soms vraag ik me oprecht af wie er meer gehandicapt zijn, de gehandicapten in Sarana die miss Karuna moet begeleiden of miss Karuna zelf. Ik voel dan langzaam weer de oude frustraties opkomen. Ik laat mij niet wederom door ‘dat mens’ voor het blok zetten.

Als dan bij het afscheid miss Karuna zegt’ please come back soon my daughter’. En Nirosha (6 meiden, Clementine – de project manager DLFF- en miss Karuna brengen mij in de vroege ochtend van Ampara naar Negombo in ons busje gesponsord door GOAL) ‘Nathalie teacher you are a strong example for all of us’. Dan weet ik weer waarom ik twee jaar met en voor die meiden heb geknokt. En waarom ik na bijna een jaar terug ben gegaan voor ruim 12 dagen. Ze zijn deel van mij geworden. Zij denken misschien dat alleen zij hebben geleerd, maar ik heb net zoveel ervaring opgedaan. Ze zijn een deel van mijn kracht en energie. Ik heb het zo goed, Ik heb zoveel vrijheid. Dat te laten zien. Daarmee te worden geconfronteerd. Dat te mogen delen is een voorrecht. Meer waard dan al mijn spullen. Te zien hoe zij zijn gegroeid. Dat doet oprecht goed, sterkt ook mij. Er is hoop !

<< back